Het is gemakkelijk om te geloven dat kwetsbaarheid iets is dat 'anderen' aangaat. Een minderheid. Een uitzonderlijke situatie.
De werkelijkheid is heel anders.
In België groeien veel kinderen op in kwetsbare omstandigheden. Familiale problemen, verwaarlozing, misbruik, sociaal isolement, handicap, financiële onzekerheid... Deze situaties zijn niet altijd zichtbaar. Ze zijn niet af te lezen aan iemands gezicht. Ze worden vaak in stilte doorleefd.
Een kwetsbaar kind is niet alleen een kind dat in direct gevaar verkeert. Het is soms ook een kind dat niet gehoord wordt. Dat geen veilige plek heeft. Dat zich niet beschermd of gesteund voelt. Op lange termijn kan deze kwetsbaarheid van invloed zijn op het zelfvertrouwen van het kind, zijn vermogen om te leren, zich te integreren en plannen te maken voor de toekomst.
Kwetsbaarheid is geen individuele zwakte. Het is een collectieve verantwoordelijkheid.
Deze realiteit negeren betekent accepteren dat een deel van de jeugd met een onzichtbare handicap opgroeit. Er rekening mee houden betekent erkennen dat elk kind het verdient om op te groeien in een omgeving waar het kan lachen, beschermd wordt en begeleid wordt.
Handelen hoeft niet altijd met veel bombarie gepaard te gaan. Soms is het gewoon een hand reiken. Een veilige omgeving creëren. Degenen steunen die al in het veld actief zijn.
En vooral: weigeren om weg te kijken.

